zaterdag 5 oktober 2013

Rekenbeleid vwo (juli 2013)

Juli 2012 schreef ik nog in mijn eerste blog over rekenbeleid vwo: "...tja, eerst zien, dan geloven." Ik vond het namelijk onvoorstelbaar dat veel vwo-leerlingen een onvoldoende zouden halen voor een rekentoets die ook op de havo wordt afgenomen. Dat zou onder de havo-leerlingen toch een slachting veroorzaken? Laten we eens kijken wat er van deze voorspelling terecht is gekomen.

1. Na de herkansing zijn er bij ons nog slechts 2 leerlingen uit G5 die een vijf staan. Volgend jaar heb ik er vertrouwen in dat ook deze 2 leerlingen een zes of hoger zullen halen.

2. De rekentoets wordt tot 2015/2016 uit de slaag/zakregeling gehouden. Dat betekent dat je voorlopig niet kunt zakken op rekenen (mits je deelgenomen hebt aan de rekentoets). Het cijfer wordt vanaf 2013/2014 echter wel bijgeschreven op de cijferlijst bij het diploma.

3. Op de Havo is de rekentoets inderdaad veel slechter gemaakt (zie wiskundEbrief 633)

Mijn voorspelling lijkt op meerdere punten dus redelijk goed uitgekomen, maar het is nog even wachten op de officiële uitslag en analyse. De vraag of de rekentoets valide is (en of een degelijke voorbereiding op deze rekentoets mogelijk is), laat zich misschien toch al beantwoorden. Ik vermoed namelijk van niet. Om een acceptabel aantal leerlingen op de havo een vijf of hoger te laten halen voor de toets, moet vrijwel iedereen op het vwo voor deze zelfde toets een voldoende halen. Maar dat maakt deze toets op het vwo overbodig, aangezien bij ons verreweg de meeste leerlingen zonder noemenswaardige voorbereiding het toch "gehaald" hebben. Laat je in de pilots een aanzienlijk deel op het vwo een onvoldoende halen, opdat ook vwo-ers zich uiteindelijk flink moeten inzetten voor een voldoende resultaat, dan veroorzaakt dat op de havo waarschijnlijk met dezelfde 3F toets alsnog een onacceptabele slachting.



Een interessante vraag is in hoeverre je leerlingen kunt voorbereiden op de rekentoets. Of is de rekentoets niet meer dan een soort van intelligentie- of aanlegtest. Gezien de minieme verschillen tussen 2F en 3F op "rekentechnisch" vlak, lijkt het me een pittige klus om voor leerlingen geschikt materiaal te vinden, te maken, om ze van niveau 2F op 3F te krijgen, waar het niet een natuurlijk proces is van ouder en wijzer worden. Nog meer oefenen met contexten, verwarring scheppen in de gegevens, de rekensom uit het verhaal halen, overbodige gegevens negeren, een denkstapje toevoegen, wordt lastig met slechts een paar vrijgegeven voorbeeldtoetsen. En vraag blijft of leerlingen na al dat oefenen daadwerkelijk beter kunnen rekenen. Wat dat is, 'kunnen rekenen', daar moet men trouwens eerst maar eens overeenstemming over bereiken.

Er is veel kritiek op de rekentoets zelf. Vooral het niet kunnen bladeren (moeilijke opgaven voor het laatst bewaren) en het achteraf niet kunnen inzien van de opgaven en eigen uitwerkingen (en daarvan kunnen leren), worden als zeer bezwaarlijk genoemd. Ook zaken als significantie, afronden, en het alleen beoordelen van het eindantwoord (niet de aanpak) zijn hoogst ongebruikelijk voor een examen waar zoveel van afhangt. Tevens doet een toetsduur van 120 minuten een groot beroep op het concentratievermogen van de leerlingen. Heeft schaven aan de rekentoets wel zin?  Zal een kortere toets, die met de hand wordt nagekeken (aanpak incluis), en waarin bladeren wel mogelijk is, wel tot acceptabele resultaten leiden. Ik vrees van niet. De leerdoelen blijven immers hetzelfde en de vertaling van leerdoelen naar toetsvragen zal voor de geloofwaardigheid van doel en uitvoerbaarheid er waarschijnlijk niet opeens heel anders uit gaan zien. Kunstgrepen als minder tekst, minder contextvragen, beperkter gebruik van de rekenmachine zouden toch vreemd zijn na zorgvuldige vertaling van referentieniveaus in leerdoelen en toetsvragen. Je kunt functioneel rekenen niet opeens anders gaan definiëren, toch? Of wordt de letter F weer de afkorting van fundamenteel? Misschien is het goed om bij het begin te beginnen en de hele problematiek rondom het rekenen opnieuw te bezien.

Ik meen zelf dat de rekentoets overbodig zou moeten zijn in het vo. De dramatische uitkomsten maken misschien wel pijnlijk zichtbaar dat een deel van de leerlingen te "hoog" (of verkeerd) is ingedeeld. Van havo- en vwo-leerlingen mag je toch verwachten dat ze bij aanvang in het vo goed zijn in rekenen, dat je kunt voortbouwen op een gedegen ondergrond. In uitzonderlijke gevallen moet je leerlingen met een rekenachterstand bijspijkeren, maar daarvoor moet je niet aan het einde van de rit alle leerlingen onderwerpen aan een test waar ze ook nog eens op afgerekend worden (dat is toch veel te laat). Testen en hiaten wegwerken doe je gaandeweg. Vertrouw erop dat leerlingen met hbo- en wo-potentie, ofwel leerlingen die uiteindelijk met de nu bestaande examenvakken een havo of vwo diploma zullen halen, voldoende rekenvaardig zijn/worden voor de richting die zij op zullen gaan. M.a.w. integreer het onderhouden, verbreden en verdiepen van rekenvaardigheden en -inzichten in de kerndoelen van de bestaande vakken.

Het is fout te concluderen dat alle leerlingen met een onvoldoende voor de rekentoets 3F niet thuis horen op het havo of vwo. Neen, je kunt immers ook slagen met een vijf voor rekenen. En niet iedere leerling is voluit gegaan bij het voorbereiden op de generale repetitie van de rekentoets, waarop zakken tot 2015/2016 onmogelijk is. Lesmateriaal laat nog steeds te wensen over, methodes zijn nog niet klaar. Welke aanpak was doeltreffend, is die er al? Maar bovenal de validiteit van de rekentoets staat niet onomstotelijk vast. Met een aantal verbeteringen aan de rekentoets zelf, zal wellicht nog een deel van de leerlingen voorbij de cesuur getrokken kunnen worden, maar ik vermoed dat een substantieel deel nooit zal slagen voor 3F op het havo en vwo (en zal dus een 4 of lager halen). Zij horen daar waarschijnlijk dan ook niet thuis. Wie dat zijn, moet je uiteraard niet boven water krijgen met een rekentoets in het examenjaar, dat moet op de lagere school al of z'n laatst in klas 1 of 2.

Helaas krijgen niet alle leerlingen op de basisschool het kwalitatief goede rekenonderwijs dat ze verdienen. Ik vind het wonderlijk dat men dat probeert te repareren met een rekentoets in het vo. Moeten de klassen (zowel po als vo) niet gewoon kleiner, moeten de leerkrachten niet meer ondersteuning, tijd en ruimte krijgen om meer kwaliteit te leveren. Moet diploma-inflatie (of devaluatie) niet eens aangepakt worden? Moet het beroep van leerkracht op de lagere school niet veel meer waardering en aantrekkingskracht krijgen, met hogere eisen op pabo's, met hogere salarissen? Moet het loon van alle meesters en juffen niet gelijk getrokken worden aan docenten in het vo? Moet geld dat bedoeld is voor onderwijs niet meer bij de leerkracht en leerling terecht komen? Waarom lekt er zoveel geld weg? Waarom verdienen zoveel mensen in of om het onderwijs meer dan de mensen die voor de klas staan? Waarom wordt er zoveel geld gestoken in bureaucratische maatregelen waarvan onduidelijk is of die goed zullen uitpakken (denk aan de bavo-toetsen, nu weer het rekenbeleid, lerarenregister, straks weer de tussentoetsen). Waarom niet investeren in het primaire proces? Preventief investeren in plaats van de zooi van wanbeleid en bezuinigingen opruimen. Moeten wij docenten, schoolleiders, medewerkers in het onderwijs, ouders, of eigenlijk alle Nederlanders niet veel meer opkomen (in verzet komen) voor onze kinderen, om te knokken voor onderwijsbeleid dat echt oplost wat er mis gaat?



Geen opmerkingen:

Een reactie posten